Yoga? Lees eerst de bijsluiter! (8)


de buffetformule in een restaurant

De mix tussen christendom en oosterse religies is vandaag overal aanwezig. Mixen van godsdiensten wordt aangeduid met de term “syncretisme”. Dat verwijst volgens Wikipedia naar “het naar elkaar toegroeien van religies, als een poging om uiteenliggende of tegengestelde geloven en religies met elkaar te combineren. ... Syncretisme veronderstelt in zijn algemeenheid een onderliggende eenheid. Sommige godsdienstwetenschappers verwerpen de term syncretisme, omdat het immers veronderstelt dat er zuivere religies zouden bestaan. Maar in werkelijkheid zijn religies steeds in interactie met hun omgeving. Behoudende aanhangers van godsdiensten die zich op een onfeilbare openbaring beroepen zoals het Jodendom, de islam en het christendom, trachten veelal vreemde religieuze elementen uit hun geloof te weren; dit in tegenstelling tot meer vrijzinnige aanhangers, die ze verwelkomen of er althans geen gevaar in zien...”. 

 

Syncretisme vertrekt van de vaststelling dat, in alle tijden en overal ter wereld, levensovertuigingen elementen bevatten die op elkaar gelijken. De gulden regel is hiervan een duidelijk voorbeeld: “Behandel de anderen zoals je zelf behandeld wil worden”. Het joods-christelijk en het islamitisch denken bevat uiteraard overeenstemmende elementen en bovendien ideeën die aanleunen bij de Griekse filosofen zoals Plato en Aristoteles.  Ook de oosterse gedachte dat de werkelijkheid een illusie is, toont wat gelijkenis met het feit dat christenen in deze wereld vreemdelingen op doortocht zijn. 

 

Dat we deels tot gelijkaardige conclusies komen is niet verwonderlijk... het is de evidentie zelf, want we leven tenslotte in dezelfde wereld en we hebben allemaal verstand meegekregen. Het kan gelden als bewijs dat we intuïtief een en ander aanvoelen van wat zich afspeelt in de geestelijke wereld. Maar hieruit besluiten dat iedereen gelijk heeft, ook op punten waar men elkaar manifest tegenspreekt, is een gemakkelijkheidsoplossing, die intellectueel geen stand houdt. We kunnen beter, voor wat tegenstrijdig is, zoeken naar het juiste antwoord. Dat doen we trouwens ook op andere terreinen van het leven.

het besef van een transcendente macht

De aanbidding van de hemellichamen door de primitieve mens, illustreert het besef van een transcendente macht - tot daar de gelijkenis met andere godsdiensten. Maar is het vandaag met onze astronomische kennis, nog geloofwaardig wanneer je hemellichamen aanbidt? De Griekse mythologische goden leren ons veel over onszelf en over de wereld rondom ons: natuurverschijnselen, liefde en haat... werden er door verklaard. Maar mogen wij hen vandaag nog als goden au sérieux nemen? Shiva vormt in het hindoeïsme samen met Brahma en Vishnu een soort van goddelijke drie-eenheid van schepper-instandhouder-vernietiger - tot daar de gelijkenis met het christelijk godsbeeld. Maar inhoudelijk zijn Vader, Zoon en Geest hiermee helemaal niet vergelijkbaar.

 

 De christelijke leer is niet gebaseerd op brainstormen over hoe de verborgen wereld er zou kunnen uitzien, maar wel op geschiedkundige gebeurtenissen en op Iemand die zijn deskundigheid voldoende heeft bewezen. Alles staat of valt met de dood en de verrijzenis van Jezus. Is dat historisch waar? De groei van het christendom in de eerste eeuw en de bereidheid van de apostelen om voor hun geloof te sterven, valt slechts te verklaren door het feit dat zij ooggetuigen waren van de verrijzenis. Maar leert de koran niet dat Jezus nooit gestorven is, en dat een leerling zijn plaats heeft ingenomen? Aan wat geven we de voorkeur? Aan verslagen van ooggetuigen, daterend uit de eerste eeuw? Of aan hetgeen in de zevende eeuw gesproken werd door een engel?

 

Verkeersbord - transcendent
het besef van een transcendente macht

je moest eten wat de pot schaft

Syncretisme is de norm sinds vele jaren. Het lijkt op de buffetformule in een restaurant waar men uit een overvloedig aanbod de gerechten selecteert die er het lekkerst uitzien. Zo’n gedrag uitbreiden naar andere domeinen van het leven is niet evident. Vaak laat een vraag geen tegenstrijdige antwoorden toe. Want het kan toch niet dat, afhankelijk van de persoonlijke overtuiging, de ene mens reïncarneert, een tweede slechts eenmaal leeft en sterft en dan zijn eeuwige bestemming bereikt, en een derde helemaal tot stof vergaat omdat hij atheïst is. Ze kunnen niet alle drie gelijk hebben. 


De toepassing van de buffetformule op het levensbeschouwelijk aanbod staat in schril contrast met de religieuze eetgewoonten tot de jaren 60 van de vorige eeuw. Van buffet was er geen sprake, want je moest eten wat de pot schaft. Van de wieg tot het graf: alles was vastgelegd, soms dictatoriaal en soms met therapeutische hardnekkigheid. Het is dus niet verwonderlijk dat mei ‘68 als een verademing werd ervaren. Eindelijk kreeg de mens het recht om ongestraft na te denken en zelf te bepalen wat hij zou geloven! Wat hebben ze ons allemaal wijsgemaakt!" klinkt het terechte oordeel van een generatie die te lijden had onder te veel dictaten.  Het keurslijf werd maar al te graag verruild voor de postmoderne twijfel aan alle grote waarheden. Tegelijk groeide de overtuiging dat het gras groener is aan de overkant. 

Verkeersborden - syncretisme
vaak laat een vraag geen tegenstrijdige antwoorden toe